Hieronder kun je de trailer van de film bekijken.
Wie is Mohandes K. Gandhi (in het kort)?
Gandhi is op twee plaatsen geweest:
Zuid-Afrika en India. Het verhaal begint in het eerste land.
Gandhi zat op de trein in Zuid-Afrika.
Enkele medewerkers van de treinmaatschappij wezen hem erop dat er geen
kleurlingen thuishoren in de eerste klasse. Hij had wel een ticket. Hij
verdedigde als advocaat de belangen van een Indiaas bedrijf. Maar er zijn geen
gekleurde advocaten in Zuid-Afrika.
“Ik ben in Londen beëdigd en sta als
advocaat geregistreerd. Kortom, ik ben advocaat. En aangezien ik in uw ogen
“gekleurd” ben, is er hier tenminste één gekleurde advocaat. “
“Wat een wijsheid. Naar derde klasse,
of je vliegt uit de trein.”

De discussie bleef duren en Gandhi
werd aan de volgende halte uit de trein gezet.
Gandhi kan niet vatten wat er allemaal
aan de hand is in Zuid-Afrika. “We moeten hiertegen vechten. We zijn allen
kinderen van God. Ik schrijf naar de pers, hier en in Engeland. Ik ga naar de
rechter.”
Wat is er aan de hand tussen de blanken
en de zwarten in Zuid-Afrika?

Na de boerenoorlogen in Zuid-Afrika
waren de boeren sterk verarmd en waren ze vaak alles kwijt. Plots moesten ze op
zoek gaan naar werk en inkomsten. Ze moesten op de arbeidsmarkt concurreren met
zwarten en kleurlingen. Die bevolkingsgroepen konden ze enkel zien als knechten.
De zwarte bevolking had gehoopt dat ze
na de nederlaag van de boeren meer rechten zouden krijgen, maar het
tegenovergestelde gebeurde. De politiek spitste zich snel toe op de
tegenstelling zwart-blank. De regering probeerde a.d.h.v. maatregelen de
positie van de blanken te herstellen (bv. geen stakingsrecht voor zwarten,
geschoolde arbeid werd gereserveerd voor blanken,…). In 1913 verscheen er zelfs
een wet waarin stond dat de zwarte bevolking slechts 7% van het grondgebied
kregen. De rest ging naar de blanke bevolking, de kleurlingen en de Indiërs.
De blanke dominantie ging steeds
verder. Aan het einde van de jaren ’40 en doorheen de jaren ’50 ging ook de zogenaamde “apartheid” van kracht. Dat waren tientallen wetten waarin de
zwarten steeds meer onderdrukt werden.
In 1912 werd de eerste zwarte
verzetsbeweging opgericht, nl. het ANC. In 1943 lieten ze pas echt van zich
horen. Ze eisten politieke rechten, recht om zich te vestigen waar men wou,…
Het ANC wilde vooral via vreedzame acties tot een oplossing komen. In 1960
kwamen veel betogers op straat om te betogen tegen de apartheid. Er werd met
harde hand gereageerd en er vielen veel doden. In 1961 werd een Nationale Actie
Raad verkozen met Nelson Mandela (zie afbeelding) als secretaris en er werd
opgeroepen tot staking. Mandela moest al meteen onderduiken. Ook in 1961 werd
een gewapende arm van het AMC opgericht.
In 1962 werd Mandela aangehouden, o.a.
op beschuldiging van het aansporen tot staking. Hij kreeg hiervoor een
gevangenisstraf van vijf jaar. In 1963 kwam hij opnieuw voor de rechter tijdens
het zogenaamde Rivonia-proces waarop Mandela ook de kans kreeg om zijn
politieke ideeën te uiten. In 1964 werd Mandela samen met zeven anderen veroordeeld tot levenslang. Hij werd vastgehouden op de Robbeneiland waar hij
uitgroeide tot het symbool van het zwarte verzet tegen de apartheid.
In de jaren ’80 nam de internationale
druk om Mandela vrij te laten toe. Na lange onderhandelingen werd hij in 1990 door
president Frederik Willem de Klerk in vrijheid gesteld. Het ANC werd
gelegaliseerd en Mandela voerde onderhandelingen met de Klerk over de totale afschaffing
van de apartheid.
Mandela kreeg voor zijn strijd veel prijzen en onderscheidingen, o.a. de Nobelprijs voor de vrede in 1993 die hij
moest delen met president de Klerk. Tijdens de verkiezingen van mei 1994 boekte
het ANC een overwinning. Nelson Mandela werd de president van Zuid-Afrika.
Wat probeert Gandhi in Zuid-Afrika te
verwezenlijken?
Gandhi liet een artikel schrijven door
een Engelse journalist. Hij riep hiermee op om samen te komen om hun recht op
te eisen om als gelijke burgers behandeld te worden. Gandhi was niet op strijd
uit, want hij weet dat Zuid-Afrika een sterke macht is. Hij kan het recht
alleen maar opeisen door vreedzame middelen in te zetten. Het eerste wat hij
wou om het recht te geschiedden, was het afschaffen van het pasje om een
onderscheid te maken tussen verschillende rassen. Op de eerste vreedzame
optocht kwamen slechts een honderdtal mensen opdagen. Gandhi verwachtte er duizend.
Men riep bij de eerste optocht op om de pasjes te verbrandden. Maar toen kwam de
oproerpolitie tussen. Een van de medeorganisatoren gooide zijn pasje in het
vuur. Gandhi verzamelde enkele pasjes in een doos en begon ze een voor een in
het vuur te gooien. De politie kwam tussen, maar Gandhi ging gewoon door en
werd geslagen.
In Zuid-Afrika moest elke neger of
kleurling een pasje altijd bij de hand hebben. Dit stond beschreven in de
pasjeswetten. De bedoeling van deze wetten was de bewegingsvrijheid van de
negers en de kleurlingen te beperken. Het maakte deel uit van het
apartheidssysteem.
De pasjeswet werd gewijzigd. Van elke
Indiër wordt de vingerafdruk genomen. Alleen een christelijk huwelijk wordt
erkend. Een politieagent die het onderkomen van een Indiër passeert, mag
binnengaan en vragen naar de pas van elke vrouw die er woont. “Deze wet maakt
onze vrouwen en moeders tot hoeren en iedere man hier tot bastaard” zei Gandhi
in zijn toespraak.
Gandhi opent een soort van commune,
ashram. Dat betekent gemeenschap, maar ook dorp of wereld. “De Gita, de Koran,
de Bijbel. Het gaat om simpele dingen. Heb uw naaste lief als uzelf. Het is
geen spiritualisme of nationalisme. We verzetten ons tegen het idee dat mensen
niet samen kunnen leven. Ook al ben je alleen, de waarheid blijft de waarheid.
Hier zijn geen onaanraakbaren.”
Tijdens zijn verblijf in de gevangenis werd Gandhi bij generaal Smuts geroepen. De generaal stelde voor om het
parlement te adviseren de nieuwe pasjeswet in te trekken. Smuts wil eerst een
koninklijke commissie de wet van naderbij laten onderzoeken. Zij zouden dan ook
adviseren de wet te herroepen. Maar ze kunnen ook adviseren de immigratie van
Indiërs te beperken of zelfs stop te zetten. Immigratie is voor Gandhi nooit
een punt geweest van strijd. Volgens hem zou het fout zijn om het nu een punt
van strijd te maken nu de positie van de Indiërs gunstig is. Hierop liet
generaal Smuts alle gevangen per direct vrij.
Generaal Smuts.
De pasjeswet werd niet verstrengd en
Gandhi was een vrij mens.
Het geboorteland van Gandhi zag er
tientallen jaren geleden ook helemaal anders uit dan hoe wij het land nu
kennen. Hoe?
In de tijd van de Britse overheersing,
was het land veel groter. Toen maakte Sri Lanka, Pakistan en Bangladesh ook
deel uit van het grondgebied. In 1947 werd het land onafhankelijk. De Britse
koning of koningin duidde een onderkoning aan die over het gebied regeerde. De
onderkoning maakte dan weer gebruik van de Indiase adel. Alleen op die manier
had Engeland het gebied onder controle.
Brits-Indië was een van de eerste kolonies
waar het nationalisme ontstond. Dat zou later een voorbeeld voor andere landen
zijn. Brits-Indië was een enorm groot land met honderden miljoenen inwoners. Brits-Indië was ook rijk aan grondstoffen. India was dus erg belangrijk voor Engeland
maar dat niet alleen was de reden om India te koloniseren en voor lange tijd te
besturen.
Veel Engelsen dachten namelijk dat als
zij uit Brits-Indië weg zouden gaan, het land dan onmiddellijk in een strijd
tussen moslims en hindoes verzeild zou raken.
Ook voor India is Gandhi erg belangrijk
geweest. Wat heeft Gandhi door verwezenlijkt en welke weg heeft hij daarvoor
afgelegd?
In 1915 keerde Gandhi terug naar
India. In Bombay werd hij warm onthaald door honderden militairen en burgers.
Voor het eerst in 200 jaar zien de Indiërs in Gandhi iemand die met de Britten
de spot drijft.
Gandhi weet nog niet onmiddellijk wat
hem te doen staat in India. Hij wil het land eerst beter leren kennen voor hij
echt kan helpen. Ten slotte is hij jarenlang niet meer in zijn land geweest.
Hij maakte vele reizen en ontdekt India.
Jarenlang hebben de Britse landheren
de boeren opgedragen indigo te verbouwen om stoffen te weven. Ze namen altijd
een deel van de oogst als pacht. De landheren hebben het pacht verhoogd,
mishandeling, onwettige belastingen, dwangarbeid. Zelfs water werd geweigerd.
Ondertussen koopt iedereen stoffen uit Engeland. Niemand wilt de indigo van de
boeren hebben. De boeren moesten alles verkopen en de politie nam de rest in
beslag. Er is zelfs geen voedsel meer. Gandhi werd hierdoor een internationale
held. “een eenzame man, slechts gewapend met oprechtheid en een wandelstok
tegen het Britse rijk” kopten internationale kranten.
De Indiërs wilden het volgende:
verlaging van het pacht, de vrijheid om te verbouwen wat ze zelf willen en een
klachtencommissie waarin ook Indiërs zitting zullen hebben.

Gandhi werkte zich in in de nationale
politiek. In 1918 leidde hij een grootschalige burgerlijke
ongehoorzaamheidsbeweging in Champaran, waar de boeren gedwongen werden om
indigo te verbouwen. Hij begon de dorpen te reorganiseren en scholen en
ziekenhuizen te bouwen. Gandhi wordt ondertussen opnieuw gearresteerd. Rondom
het gebouw waar hij vastgehouden wordt, betogen honderden mensen. Sindsdien
krijgt hij de naam “bapu”, “vader” in het Nederlands of “mahatma”, wat “grote
ziel” betekent. Gandhi krijgt van de rechter het bevel de provincie te verlaten
omdat hij de orde verstoord. Hij wordt vrijgelaten tot het definitieve vonnis.
Zijn heldhaftige gedrag in de rechtszaal laat een grote indruk na.
Gandhi roept 6 april uit tot een dag
van gebed en vasten (niet werken, geen bussen, treinen,… het land wordt plat
gelegd). Nadat de bevolking het land op 6 april inderdaad plat legt, word
Gandhi opnieuw gearresteerd. Sinds zijn aanhouding zijn er rellen. Er zijn ook
tal van Engelse burgers gedood. Ook de Indiase bevolking wordt hard aangepakt.
De regering is radeloos. Ze hebben meer bang van terrorisme dan van Gandhi,
want hij wordt vrijgelaten mits hij zich uitspreekt voor geweldloosheid, maar
hij heeft eigenlijk nooit over iets anders gesproken.
Tijdens een speech van één van de
kompanen van Gandhi, waar hij nog eens opriep tot geweldloosheid, omsingelde
het Britse leger de luisteraars. Mannen, vrouwen en kinderen, allemaal zaten ze
als ratten in een val. Volledig omsingeld. Ze konden geen weg meer uit. Het
Britse leger opende het vuur en begint in het wilde weg genadeloos te schieten.
1516 doden en gewonden…
De generaal die de opdracht gaf voor
deze laffe operatie zei het volgende: “Ik wilde een voorbeeld stellen dat z’n
effect zou hebben in heel India. Als ik gebruik kon maken van pantserwagens,
had ik waarschijnlijk voor machinegeweren gekozen.” De Britse regering en de
bevolking verwerpt de achterliggende motieven achter het bloedbad.
Gandhi zit rond de tafel met de
Engelsen. Hij wilt dat ze stoppen met de baas te spelen in andermans huis. Volgens
de Britten zou het land zonder hun hulp achterblijven in chaos. Gandhi blijft
bij zijn standpunt: vreedzaam, geweldloze non-coöperatie. Volgens Gandhi moeten
de Indiërs om onafhankelijkheid te krijgen waardig zijn. Er moet altijd eenheid
zijn tussen hindoes en moslims. Geen Indiër mag behandeld worden zoals de
Britten hen hebben behandeld. Maar India lijkt nog niet klaar voor
onafhankelijkheid. Tijdens een vreedzame betoging ontstond er een discussie
tussen twee agenten en een aantal achtergebleven betogers. Toen de betogers met
de stok kregen, kwamen de andere betogers te hulp. De agenten vluchtten naar
het politiekantoor. Maar de politieagenten moesten zich uiteindelijk over
geven. Ze werden gedood. Na dit incident wil Gandhi de campagne stopzetten.
Want hij blijft bij zijn principe, hij wil geen vrijheid door moord of
bloedvergieten. Hij schaamt zich diep voor wat er gebeurd is.
Na het incident gaat Gandhi in
hongerstaking. Dit doet hij als boetedoening. Hij zal pas stoppen met zijn
hongerstaking als al de betogingen gestopt zijn. Na een tijd stoppen de
betogingen. De mensen bidden zodat Gandhi zou stoppen met zijn hongerstaking.
De mensen delen kransen uit aan politieagenten én aan Britse soldaten.
Van non-coöperatie was er na zijn
hongerstaking geen sprake meer, toch werd hij opnieuw gearresteerd. Gandhi
krijgt een celstraf van 6 jaar.
Na zijn vrijlating wilt hij de
onderkoning bewijzen dat India niet meer onder Brits gezag valt. Gandhi gaat
naar zee om zout te winnen. De Britse overheersen controleren de zoutproductie.
Het is verboden om zout zonder vergunning te winnen of te verkopen. Dat kost
Gandhi wat belastingen, maar het gaat natuurlijk om een symbolische daad. Niet
in India overleefd zonder water of zout. De Britse controle erover geeft
controle over India.

Er wordt veel zout opgehaald en overal
verkocht. De Britten worden belachelijk gemaakt. De Britse regering in Londen
geeft de opdracht dit te stoppen. Iedereen die iets te maken heeft met het zout
moet aangepakt worden. Honderdduizenden worden opgepakt, maar ze blijven
doorgaan. De bevolking blijft Gandhi trouw, want er wordt geen geweld gebruikt.
De Britse overheersers willen net wel geweld en kiezen er daarom voor om Gandhi
te arresteren.
De Britse overheersers beletten de
zoutfabrieksmedewerkers de toegang tot de zoutfabriek. Zij aan zijn proberen ze
de fabriek toch binnen te geraken, maar ze worden neergeslagen. Maar toch
blijven ze geen geweld terug te gebruiken.
De volharding van de bevolking wordt
aanzien met grote ogen. Het einde van de Britse overheersing is nabij. Gandhi
wordt uitgenodigd op een rondetafelconferentie in Londen waar er gesproken zal
worden over een mogelijk onafhankelijk India. De onafhankelijkheid komt er
zeker, de vraag is alleen wanneer en hoe.
Ondertussen brak de Tweede Wereldoorlog
uit. Gandhi toonde zijn afschuw voor de oorlog en had veel respect voor de
slachtoffers. India deed zelf niet mee aan de oorlog. Gandhi vond dat deelname
niet mogelijk was omdat het democratische principe in het land zelf genegeerd
werd. Gandhi wou de Britten alleen steunen als het doel van de oorlog,
vrijheid, ook in India zou worden waargemaakt. In zijn resolutie “Quit India”
werd expliciet gevraagd aan de Britten om het land te verlaten. Het land werd
ondertussen onrustig en er was veel geweld. Gandhi en heel zijn partij werden
gearresteerd en twee jaar vastgehouden in het Aga Khan Paleis.
Koning George komt ondertussen India
om de gesprekken te starten over de onafhankelijkheid van India. Jinnah, een
medestander van Gandhi, maakt zich zorgen over de slavernij van de moslims. De
Britse heerschappij mag niet vervangen worden door de hindoes. Volgens Gandhi
moet hij zich geen zorgen maken: “Moslims en hindoes zijn het linker- en
rechteroog van India. Niemand is heerser, niemand is slaaf.” Jinnah wil
gebieden waar moslims een meerderheid zijn toekennen aan Pakistan. De rest zal
bij India horen.
Gandhi weet een oplossing: hij wil Jinnah
als premier, hij mag zijn kabinet vormen en een moslim benoemen als hoofd van
ieder ministerie. De partijgenoten van Gandhi steunen hem, maar de bevolking
geraakt opgehitst. De hindoes zijn bang dat Gandhi te veel weggeeft. Als deze
beslissing doorkomt, zal niemand zich kunnen bedwingen. Uiteindelijk kiest
Gandhi ervoor om een stuk van India weg te geven.
De huidige landsgrenzen werden
gevormd. De onderverdeling van het vroegere India zorgde voor een ware
volksverhuizing. Doordat vele dorpen en steden een gemengde bevolking hadden,
ontstond er veel geweld. De moslimgebieden werden bijgevoegd bij Pakistan, Sri
Lanka, Bangladesh en Birma.
Gandhi kon niet tegen het geweld en
ging opnieuw in hongerstaking. Dat hielp, want de opstoten tussen hindoes en
moslims stopte. In de periode van geweld vielen er waarschijnlijk meer dan 5000
doden.
Gandhi werd neergeschoten net voor
zijn gebed. Honderden mensen volgden hem om samen met hem te gaan bidden. Een
man, een radicale hindoe, opende het vuur en schoot enkele keren ter hoogte van
de borststreek.
Één dag later vond zijn begrafenis al
plaats. Duizenden mensen stonden langs de kant mee te kijken. Commentator: dit
is een massaal eerbetoon aan een man die stierf zoals hij leefde. Een eenvoudig
man, zonder geld, zonder bezittingen en zonder officiële titel of ambt. Mahatma
Gandhi was geen legerleider of heerser over een grote rijk. Hij was geen groot
wetenschapper of kunstenaar. Maar hoogwaardigheidsbekleders uit de hele wereld
betonen hier eer aan deze kleine bruine man in z’n lendendoek die zijn land naar
de vrijheid leidde.
Om te onthouden
Als ik wanhoop, denk ik eraan dat in
de geschiedenis waarheid en liefde altijd hebben gezegevierd. Er zijn tirannen
geweest en een tijd lijken ze onoverwinnelijk. Maar uiteindelijk komen ze
altijd ten val. Denk eraan. Altijd.
Bronvermelding
Film: Gandhi
Documentaire: Gandhi
Encarta: Gandhi
Encarta: India
Encarta: Brits-Indië
Encarta: Jinnah
Encarta: Zuid-Afrika
Encarta: apartheid
www.wikipedia.org
(Gandhi, Jinnah, India en Brits-Indië)









Geen opmerkingen:
Een reactie posten